Praktijkonderzoek in de school

4e druk | 2020 | Cyrilla van der Donk, Bas van Lanen
Praktijkonderzoek in de school
Ben je docent? | Wil je dit studiemateriaal beoordelen voor gebruik in je lessen, of is het al voorgeschreven? Vraag hier direct je docentexemplaar aan.

Praktijkonderzoek in de school | Boek + website

9789046907320, 384 pagina's Onbeperkt toegang tot website
€ 34,95
  • Gratis verzending vanaf € 20,-
  • 5% studentenkorting bij aanschaf van minimaal 2 verschillende studieboeken
  • Binnen 3 - 4 werkdagen geleverd

Veel leraren en leraren in opleiding voeren praktijkonderzoek uit in hun eigen school en zoeken op systematische wijze naar antwoorden op vragen die hun onderwijspraktijk oproept. Praktijkonderzoek is een professionele leer- en innovatiestrategie die beschouwd kan worden als een vorm van kwaliteitszorg die in de beroepspraktijk verankerd is. Het leidt tot kennis over en inzicht in de dagelijkse onderwijspraktijk en de realisatie van verbeteringen.

Praktijkonderzoek in de school biedt een leidraad bij het voorbereiden en uitvoeren van dit onderzoek. Aan de hand van praktische voorbeelden en technieken zijn de basisprincipes van praktijkonderzoek vertaald naar de onderwijspraktijk vanuit een realistische visie op de waarde die het kan hebben voor onderwijsorganisaties, leraren, leerlingen en andere belanghebbenden. Zeven kernactiviteiten van praktijkonderzoek staan centraal: oriënteren, richten, plannen, verzamelen, analyseren & concluderen, ontwerpen en rapporteren & presenteren.

De auteurs hebben Praktijkonderzoek in de school volledig geactualiseerd en onder meer informatie toegevoegd over:

  • Het uitvoeren van een contextanalyse
    Bij praktijkonderzoek is de beroepscontext nadrukkelijk verbonden aan het onderzoeksproces en de opbrengsten daarvan. In deze nieuwe versie bieden de auteurs de lezer een kader aan de hand waarvan de beroepscontext bij het doorlopen van de kernactiviteit ‘Oriënteren’ in kaart kan worden gebracht.
  • Het afbakenen van een praktijkprobleem
    Met het doorlopen van de kernactiviteit ‘Oriënteren’ wordt het praktijkprobleem in de breedte verkend (divergeren). Tijdens de daaropvolgende kernactiviteit ‘Richten’ wordt bepaald wat wel en wat niet onderzocht gaat worden (convergeren). De keuzes die gemaakt worden om het praktijkprobleem af te bakenen, worden onderbouwd aan de hand van eigen ervaringen, data uit de praktijk en inzichten uit de literatuur. In deze vierde herziene druk wordt de lezer met behulp van diverse praktische technieken ondersteund bij het verantwoorden van deze keuzes.
  • Het kiezen van methoden van dataverzameling
    Bij praktijkonderzoek kunnen verschillende methoden voor dataverzameling worden ingezet. Deze methoden leveren verschillende soorten data op; voorgestructureerde (kwantitatieve) data dan wel minder gestructureerde (kwalitatieve) data, of een combinatie daarvan. Deze vierde herziene versie biedt de lezer aanvullende ondersteuning bij het kiezen van de methoden van dataverzameling voor zijn of haar praktijkonderzoek.
  • Het divergeren en convergeren bij ontwerponderzoek
    Ontwerpen is een systematisch proces, maar vraagt ook om de nodige creativiteit. Er worden creatieve technieken ingezet om verschillende ontwerpideeën te genereren (divergeren), waarna een keuze wordt gemaakt (convergeren) voor het best passende idee. In deze nieuwe versie worden verschillende technieken aangeboden die hierbij van waarde kunnen zijn.
  • Het gebruikmaken van theorie gedurende het onderzoek
    Bij een praktijkonderzoek wordt waar mogelijk gebruik gemaakt van theoretische bronnen en wordt de theorie verbonden met de praktijk. Mede op basis hiervan ontstaan nieuwe inzichten en/of worden bestaande inzichten getoetst in de praktijk. In deze nieuwe versie wordt de lezer nadrukkelijker ondersteund bij het benutten van theorie in verschillende fasen van zijn of haar praktijkonderzoek.
  • Het onderscheid tussen methodologische kwaliteit, bruikbaarheid en overdraagbaarheid bij de spelregels van praktijkonderzoek
    Voor praktijkonderzoek gelden specifieke criteria voor methodologische kwaliteit, bruikbaarheid en overdraagbaarheid, die recht doen aan de eigenheid van onderzoek van professionals dat gericht is op praktijkproblemen. In deze nieuwe uitgave zijn de richtlijnen nadrukkelijk verbonden aan de methodologische kwaliteit, bruikbaarheid en overdraagbaarheid, op basis waarvan criteria kunnen worden bepaald voor het uitvoeren, evalueren en beoordelen van onderzoeksopdrachten.
  • Het onderscheid tussen kennisgericht praktijkonderzoek en ontwerponderzoek
    De auteurs onderscheiden twee vormen van praktijkonderzoek; kennisgericht praktijkonderzoek en ontwerponderzoek. Waar de eerste vorm zich richt op het verkrijgen van diepgaande inzichten in de eigen praktijk, staat bij de tweede vorm ook het oplossen van praktijkproblemen en daarmee de verbetering van de praktijk centraal. In vergelijking met voorgaande edities wordt het kennisgericht praktijkonderzoek en het ontwerponderzoek nu meer in samenhang besproken. Zo krijgt het ontwerponderzoek niet alleen aandacht in hoofdstuk 8, maar ook in de andere hoofdstukken.

Cyrilla van der Donk en Bas van Lanen hebben jarenlange ervaring met praktijkonderzoek in het hoger onderwijs in Nederland, België en Duitsland. De auteurs hebben diverse boeken in binnen- en buitenland geschreven op het gebied van praktijkonderzoek.